Martinus Mark, een typefout?

De "t" vergeten dacht ik toen ik het artikel van Alex Cornelissen in Gendtse Klanken van december las. Markt zou ook een goede naam geweest zijn. Een plaats waar veel mensen samenkomen, producten kopen en verkopen en nieuws wisselen. Een goede plek om ons product te verhandelen, ons goede nieuws te verspreiden.

Maar "Mark", daar zit net wat meer achter. Het is een oude naam voor "ongedeelde grond". We vinden het terug in oude adellijke titels als markgraaf en markies. In letterlijk zin willen we "ongedeeld" kijken naar een groot stuk grond. Samen kijken hoe we dat het beste kunnen benutten ten bate van onze geloofsgemeenschap en onze dorpsgemeenschap. Hoe we er een mooi en nieuw kerkgebouw kunnen neerzetten, geschikt voor onze vieringen, geschikt voor onze toekomst. Maar ook ruimte voor onze andere activiteiten. Voor catechese, onze geloofsoverdracht aan onze kinderen en volwassenen, voor diaconie, onze zorg voor elkaar, en voor onze gemeenschapsopbouw. Ruimte die we heel goed met anderen kunnen delen, zoals de bibliotheek, het sociaal-cultureel centrum en andere verenigingen. Dan vinden onze activiteiten plaats in een omgeving waar veel te doen is, waar veel mensen komen en niet meer in achteraf zaaltjes, achter de kerk of in de pastorie. Ook voor de andere organisaties geldt dat hun activiteiten in een levendiger omgeving komen, beter zichtbaar worden. De ruimten kunnen zo ook beter benut worden wat tot lagere kosten leidt.

Maar "Mark" heeft ook een symbolische betekenis. We werken hierbij samen met organisaties zoals zorgcentrum St. Jozef, woonstichting, bibliotheek en sociaal cultureel centrum. Deze organisaties richten zich op het welzijn van mensen, ieder vanuit een eigen invalshoek. Van ouds her heeft de kerk het bevorderen van het welzijn als haar taak gezien, het is een van de pijlers van onze geloofsgemeenschap: de diaconie. De activiteiten van de genoemde organisaties zijn dan ook in het verleden grotendeels gestart vanuit onze parochie. Zo bestaat de bibliotheek al zo'n 150 jaar, begonnen als een activiteit van de Vincentiusvereniging. Gelukkig zijn ook de burgerlijke overheden een steeds grotere rol gaan spelen op welzijnsgebied. Vandaar dat de oude parochiële activiteiten verzelfstandigd zijn wat geleid heeft tot de genoemde organisaties. We begeven ons nu weer samen op ongedeelde diaconale grond. Om er voor te zorgen dat elke organisatie ook in de toekomst zo goed mogelijk op eigen wijze kan bijdragen aan ons aller welzijn.

Theo Schouten, vice-voorzitter