Vincentiusvereniging 150 jaar

150 jaar Vicentiusvereniging Gendt

Publicatie van onze Vincentiusvereniging ter gelegenheid van hun 150 jarig bestaan in 1999.

De foto's in deze publicatie zijn ook in het foto album Bij Vincentius te zien.

Voorwoord

Het Bestuur van conferentie St.Vincentius a Paulo te Gendt, in de volksmond beter bekend als De Vincentiusvereniging, mag zich dit jaar verheugen in haar 150 jarig bestaan.

Het past een vereniging, die de beoefening van de liefdadigheid hoog in het vaandel heeft, niet om dat op grootse wijze te vieren. Het geld hiervoor kan een betere bestemming krijgen, want er zijn na 150 jaar nog steeds behoeftigen of stille armen, al zou men dit in 1999 niet meer verwachten. Toch zou het bestuur in haar taak tekort schieten, wanneer ze niet met dit overzicht naar buiten zou treden. Immers, een grotere bekendheid kan de vereniging en op haar beurt de armen ten goede komen.

Om dit te verwezenlijken heeft het bestuur gemeend om een boekje samen te stellen over 150 jaar Vincentiuswerk in Gendt. Hiermede hopen we duidelijk te maken, dat de stille werkers niet hebben stil gezeten, hoewel we hun resultaten om redenen van privacy niet kunnen tonen.

Als we de lezer van het nut van de vereniging in het verieden, maar ook in de toekomst hebben kunnen overtuigen, hebben wij met dit boekje ons doel bereikt.

Het Bestuur van de Vincentiusvereniging in Gendt

Inleiding

Het samenstellen van een historisch boekje over de geschiedenis van een charitatieve vereniging is een alleszins prettige bezigheid. Bij het naslaan van vergeelde notulen, stoffige jaarboeken en krantenknipsels komen gebeurtenissen en zaken naar boven die voor de buiten wereld (familie, kennissen en nabestaanden) interessant en/of vermakelijk kunnen zijn.

De al dan niet roemrijke feiten en belangrijke personen worden in een dergelijk boek voor het nageslacht bewaard. Het maken van een gedenkboek bij gelegenheid van het 150 jaar bestaan van de Vincentiusvereniging Gendt stelt de samenstellers voor bepaalde moeilijkheden.

Het doel van onze instelling is vanaf de oprichting in 1849 onveranderd en bestaat in hoofdzaak in het lenigen van de armoede van gezinnen. De laatste decennia worden ook andere projecten gesteund. Met giften, donaties, materiele hulp en in het bijzonder begrafenisbijstand, heeft de Vincentiusvereniging al die jaren getracht voor de minder bedeelden, vooral in donkere dagen iets meer zon en licht te brengen.

Het bestuur en ook de leden broeders stellen er wel prijs op te verklaren, dat hierbij horen, zien en zwijgen een dringend gebod is. Zo was dat in 1849 maar ook nog in 1999 na een bestaan van 150 jaar.

De samenstellers

Het begin in Frankrijk

Frederic Ozanam

In 1833 richtten enige studenten van de Sorbonne, de universiteit van de Franse hoofdstad Parijs, vooral onder aanvoering van de dokterszoon Ozanam, een conferentie de charité op, een liefdadigheids conferentie om in Frankrijk vanuit de katholieke traditie de zorg van en voor de armen meer en beter gestalte te geven.

Frederic Ozanam werkte en studeerde hard, maar hij sloot zijn ogen niet toen hij dagelijks zag dat de kloof tussen arm en rijk en tussen de zwakkeren en de sterkeren in de samenleving groot was en alsmaar groter werd.

Samen met een aantal medestudenten sprak hij niet zelden over de kerk, het geloof en de maatschappij in het algemeen. In Frankrijk was er grote armoede, zowel in de steden als op het platte land. Frederic en zijn medestudenten waren ervan overtuigd, dat armoede en systematische achterstelling een grote schande was. Het verzoenen van de rijken met de armen beschouwden zij als een opdracht van de kerk.

En men vond, dat men het niet afleen moest laten bij constatering van feiten. Men was ervan overtuigd, dat met praten alleen de situatie in de wereld, en met name het steeds groter wordend verschil tussen arm en rijk niet verholpen kon worden. Vanuit deze katholieke zienswijze en katholieke traditie richtte Frederic Ozanam met zijn medestudenten deze conferentie van liefdadigheid op die zij onder bescherming stelden van de Heilige Vincentius a Paulo.


Vincentius a Paulo

Vincent de Paul, geboren in 1581 in Zuid Frankrijk, was in die tijd een sprekend voorbeeld van christelijke dienstbaarheid. Als priester bewoog hij zich onder de armen van Parijs en later ook onder de behoeftigen op het platteland van Frankrijk. Vooral vanwege zijn tomeloze inzet voor de armen werd hij heilig verklaard.


Onder de indruk van de grote ellende en met de zegen van hun heilige voorganger gingen de jonge actieve studenten van Parijs aan de slag. Ze bezochten de in armoe verkerende gezinnen; gingen naar hulp behoevende bejaarden en zieken. Men hielp waar mogelijk en nodig was, zowel in de steden als op het platte land. Aangestoken door dit enthousiasme sloten zich meer goedwillende mensen bij de groep aan. De conferentie de charité werd een begrip en kreeg bekendheid buiten Parijs en zelfs buiten Frankrijk.

Frederic Ozanam, die later hoogleraar werd aan dezelfde universiteit van Parijs had met de oprichting van zijn conferentie duidelijk twee doelen voor ogen. Enerzijds moedigde hij de armen aan om voor hun eigen belangen op te komen en riep hij hen op tot onderlinge solidariteit. Anderzijds wees hij de verantwoordelijken in de samenleving op hun plicht van naastenliefde. Deze tweesporigheid om het lot der armen indirect en ook direct in gunstige zin te veranderen, vond dan ook overal weerklank.

Ook in Nederland.

Want op 10 februari 1846 werd in Den Haag in de sacristie van de katholieke kerk aan de Oude Molenstraat de eerste conferentie inons land opgericht, die op 4 maart van dat jaar al door de in Parijs gevestigde Algemene Raad werd geaccepteerd en als zodanig ingelijfd. En ook in datzelfde jaar kwamen er conferenties van de grond in Delft, Leiden, Schiedam, Den Bosch en Nijmegen. Daarna ging het heel snel,Gendt werd als dertigste Nederlandse conferentie toegevoegd aan de internationale Vincentius vereniging van Parijs.

De eerste aanzet in Gendt

Op 2 September 1849 kwamen enige vooraanstaande mannen uit de gecombineerde parochie Gendt en Hulhuizen in tegenwoordigheid van pastoor Oosterik en kapelaan Bleumers bijeen, om over te gaan tot oprichting van de conferentie den Heilige Sint Vincentius vereniging. Een lid uit Arnhem was hierbij aanwezig.

Als bestuur werd gekozen: Herman Terwindt, landbouwer als president; Jozef Corman, zonder beroep als secretaris; Johannes Hendriks van beroep schipper als penningmeester, en Willem Nijs van beroep verver werd gekozen als magazijnmeester. Ook de leden werden genoemd, meestal met vanouds Gendtse namen. Als patroon der conferentie werd gekozen de Heilige Martinus, terwijl de zeereerwaarde heer pastoor Oosterik het beschermheerschap op zich nam.

Tijdens de vergadering van 6 oktober 1849 werd besloten om de raad van Nederland te verzoeken de inlijving bij de Sint Vincentiusvereniging te bevorderen. De inlijving ging door, hetgeen bleek uit een schrijven van 19 november 1849, waarna op 16 december van dat jaar de plechtige installatie plaats vond in de R.K. Kerk.

In de naar de hoofdraad gezonden verslagen vind men interessante gegevens. Vooral de verslagen van de eerste secretaris, de heer Jozef Corman, muntten in elk opzicht uit: prachtig schoonschrift, keurige taal, overzichtelijke opstelling en nauwkeurige gegevens. Het is een lust om deze verslagen door te lezen. Precies staat elk jaar genoteerd wat er is uitgegeven zowel aan goederen als kontanten zoals b.v. een pet, 30 maatjes olie, 21 paar klompen, I el pilo, 3 en een half pak zout enz. enz.

Koninklijke belangstelling

Reeds in februari 1850 besloot men om aan H.M. de Koning de goedkeuring voor een verloting te vragen. Pas bijna 2 jaar later, op 6 december 1851 komt de goedkeuring. En dan klagen wij tegenwoordig, dat de ambtelijke molens langzaam malen. Maar toen beloonde men tenminste het lange wachten, want Hare Majesteit schonk als prijs twee kostbare porseleinen vazen en een sierlijk geborduurd schellekoord.

Bibliotheek

In 1851 wordt een leesbibliotheek opgericht ten doel hebbende: de bevordering van godsdienstzin en deugd. Tot bibliothecaris werd benoemd broeder J. van den Donck.

Tot 1963, dus 112 jaar, bleef de bibliotheek tot het werk van de Vincentiusvereniging behoren. In dat jaar werd de bibliotheek vanwege de mogelijkheid om overheidsfinanciering te verwerven, omgezet in een R.K. Openbare bibliotheek en leeszaal en overgedragen aan een Stichting. Door het recht van benoeming van een aantal bestuursleden bleef de Vincentiusvereniging bij het bibliotheek werk betrokken. Pas onlangs trok de Vincentiusvereniging zich uit dit werk terug.

1852: eerste katholieke school in Gendt

In het verslag van 1852 wordt erover gesproken over toestemming te vragen aan de daartoe bevoegde instanties, om een school op te richten voor onderwijs aan arme kinderen. Gedeputeerde Staten van Gelderland gaven geen toestemming. Maar het gemeentebestuur liet het er echter niet bij zitten, ook al omdat wethouder Herman Terwind tevens president van de Vincentiusvereniging was.

Er werd zelf een verzoek gericht tot koning Willem de Derde, om het bestuit van Gedeputeerde Staten nietig te laten verklaren. Ook het hoofd van de openbare school, meester J.C.Backer was fel tegenstander van een tweede school in Gendt, hij zou er dan financieel op achteruit gaan. Toch kwam er na ongeveer een jaar de goedkeuring van Gedeputeerde Staten. Meester Backer vroeg meteen schadeloosstelling aan, maar Gedeputeerde Staten antwoordden; dat daarvoor geen middelen beschikbaar waren.

Uit het verslag blijkt dat Gendt een der eerste plaatsen was, waar pogingen werden gedaan om tot bijzonder, katholiek onderwijs te komen. De toenmalige katholieke pers van geheel Nederland is er zelfs nog aan te pas gekomen.

School

In Gendt waren heel veel arme kinderen, ook kinderarbeid was algemeen bekend en zij die het konden betalen, kregen onderwijs op de openbare school. In de winter van bijvoorbeeld 1860 werd het Vincentius schooltje door 166 leerlingen bezocht, terwijl er in de zomer maar 62 leerlingen waren. De overige 104 moesten werken, thuis, of op 't land en op de steenfabriek van 's morgens vroeg tot 's avonds laat. De Vincentius school werd geheel bekostigd door de Gendtse gemeenschap. Deze school stond in de Dorpstraat, tussen het huidige cafe "De Klok" en het woonhuis van de familie Weghorst.

Vele jaren heeft dit schooltje bestaan en waarschijnlijk is deze school later toch weer opgeheven vanwege de hoge financiële lasten.

Een greep uit oude notulen en verslagen

Tweede vergadering van zondag 9 September 1849.

De beschermheer verzoekt de leden om voortaan op middelen bedacht te zijn tegen de armoede voor de aanstaande winter. De commissie vraagt een gulden voor bet schoonmaken van een woning, en voor bet verstrekken van levensmiddelen tot nadere afkondiging vijftig cent per week. De penningmeester houdt de gebruikelijke collecte en deze heeft bedragen of opgebracht de somma van f 4.30.

Vergadering 256, van zondag 7 mei 1854

De aanwezige leden doen verslag van hun bezoek bij behoeftige huisgezinnen die door onze vereniging worden ondersteund.

Memorie.

Heden zondag van den Goeden Herder moest volgens bet Reglement Hoofdstuk 4 art.45 ene algemene vergadering zijn, doch wegens bijkomende verhindering is er geen algemene, maar slechts een gewone vergadering gehouden.

Gendt (Gelderland) 11 november 1909

Hooggeachte Heeren,
Geliefde mede broeders
Den 19 november a.s. zal bet zestig jaren geleden zijn, dat onze conferentie van den H. Vincentius a Paulo werd ingelijfd. De conferentie besloot, dit feest op woensdag 17 november te vieren door eene plechtige H.Mis waaronder algemeene communie der leden, eene extra bedeling aan de armen en eene algemene vergadering, waarbij ook de oudleden en weldoeners der conferentie genodigd worden.

Jaarverslag bij het 100 jarig bestaan in 1949

Vergaderingen

De wekelijkse vergadering wordt gehouden elke zondag, na de H.Mis van half tien in de oude sacristie. Wij menen dit nog even in de herinnering te brengen, daar er nog steeds broeders zijn die dit niet schijnen te weten, immers wij zien ze nooit of zelden op een vergadering.

Begrafenissen

Hoewel wij in onze vorige circulaire U reeds erop hebben attent gemaakt, (de goede niet te na gesproken) dat sommige broeders in deze hun Vincentius plicht lauw nakomen, wekt het opkomen bij begrafenissen nog steeds geen bevrediging. Wij geven diegenen die het betreffen in ernstige overweging dit in de toekomst beter te doen. Zo niet dan zal het bestuur beramen welke maatregelen zij in het belang der conferentie tegenover die broeders zal nemen.

Slotwoord

Aan het eind van mijn verslag gekomen zijnde rest mij nog een woord van dank te spreken tot al diegenen, die in de afgelopen 100 jaar onze conferentie hebben in stand gehouden en groot gemaakt, tot eigen welzijn en die der armen. Vele moeilijkheden en vooroordelen moesten worden overwonnen. Maar waar de werkers van het eerste uur slaagden, moeten wij hun voorbeeld volgen

100 jaar liggen achter ons .. 100 jaar voor ons.

Wij leven in een harde tijd van jaloezie, egoïsme, haat en materialisme. Wij zullen ook in ons Vincentius werk de bakens moeten verzetten en trachten de liefde in de praktijk te brengen. Daartoe moeten wij ons meer gaan indenken in die levens, van onze armen die het op deze wereld zo zwaar hebben. Wij moeten Vincentianen worden niet naar het woord, maar door de daad.

Aldus secretaris, W.A.Schouten

Uit het jaaroverzicht van 1986

Op 16 oktober heeft ten kantore van notaris A. Huigens te Huissen de overdracht plaats gevonden voor de laatste twee percelen grond die nog in ons eigendom waren. Het ging om 1 perceel van 1935 m2 en om 1 perceel van 1380 m2. De verkoop prijs was fl. 2,50 per m2.

De lijkwagen

In 1854 werd besloten het ter aarde bestellen, dragen en grafwaarts geleiden van overledenen, als de familie het verlangde, door de broeders onzer conferentie te doen verrichten. De overledene werd aan het sterfhuis afgehaald en te voet naar de kerk begeleid.

Uit een schrijven van 18 februari 1946 aan de hoofdraad, vraagt men een bijdrage voor de aanschaf van een nieuwe lijkwagen, plus 25 hoge zwarte hoeden en 25 paar zwarte handschoenen, want alles is verdwenen tijdens de oorlog en evacuatie. De kas van de vereniging, zo schrijft men, is nog tamelijk in orde, maar niet om een lijkwagen te kunnen kopen.

De hoofdraad adviseert om een advertentie in wat dagbladen te plaatsen en als er dan iets wordt aangeboden, zullen zij bijdragen in de kosten. Waar de nieuwe koets uiteindelijk vandaan is gekomen is in de archieven niet te vinden, maar volgens zeggen is die in Groningen ergens gekocht en door de Vincentianen zelf opgehaald. De hoofdraad geeft vervolgens een bijdrage van f 500,00 voor de lijkwagen en f 500,00 voor elk van de 10 meest getroffen mede broeders van onze Vincentiusvereniging. Uit een brief van 19 april blijkt dan, dat deze bijdrage door een lid van de vereniging, in 's Gravenhage moest worden opgehaald. Jaren lang heeft men met deze koets met een paard ervoor, de overleden dorpsgenoten begeleid vanaf het sterfhuis naar de kerk en daarvandaan naar de begraafplaats.

Koetsier

Op de foto ziet men Thé Schaars als koetsier. De eerste jaren stond deze koets bij Schaars, bij café "De Klok" en later was deze ondergebracht bij Koos Schaars bij café "Het Witte Paard".

Zo moest men in die tijd behoorlijke afstanden lopen, zoals b.v. helemaal naar Flieren of naar de Polder of naar de Kommerdijk, eens is er zelfs een overledene helemaal naar Slijk Ewijk gebracht, men was toen 2 dagen onderweg.

In 1967 kwam hierin verandering, toen werd er een rouwkamer ingericht in het bejaardenhuis en werden de overledenen van hieruit begeleid en vanaf 1972 begeleiden wij de overledenen vanuit het mortuarium achter in de kerk. De lijkkoets, die inmiddels zeer slecht was geworden, is in het begin van de jaren 60 verkocht en in goed overleg met enkele Gendtse ondernemers heeft Jac. Schaars toen een lijkauto aangeschaft. Wel vroeg hij de medewerking van de conferentie om dan ook overledenen vanuit Arnhem en Nijmegen te mogen ophalen, en werden tarieven daarvoor vastgesteld.

Begrafenis

Daar het kerkhof achter de kerk vol was en de begraafplaats aan de Dorpstraat werd opgeheven, kwam er een nieuwe begraafplaats aan de Zandvoortsestraat, en daarheen begeleiden wij nu onze overladen dorpsgenoten naar hun laatste rustplaats. De foto is van een begrafenis op 4 mei 1996 op de begraafplaats aan de Zandvoortsestraat.


Foto's bij jubilea

50 jaar Vincentiusvereniging

Foto 50 jaar Vincentiusvereniging in Gendt, in 1899
Staand: ..... ?, Hendrik Opgenoord, meester Mackaay, Hannes Cornelissen , ... Genits, Willem v. Hoorn, Hent Evers, ... Roelofs, Hent Leenders, Jan Burgers, Willem Timmermans, Hubert Nijs.
Zittend: Frits Matthijsen, ..... ?, ..... ?, Hendrik Gerrits, Frans v. Driel, Rudolf Gerrits, Steven Rasing, ... Roelofsen.


75 jarig bestaan in 1924

Foto 75 jaar Vincentiusvereniging in Gendt, in 1924
Zittend: Hendrik Evers, Frans v. Driel, Albert Matthijsen, Johan v.d.Meulen, Stef Rasing, meester Smolders, Hendrik Braam.
Staand, le. rij: Willem v. Hoorn, Hendricus Leenders, Dorus Burgers, Willem Meurs, Jan Cornelissen, Tinus Roelofs, Jan Burgers, Jo v.d. Meulen, Dorus Milder, Willem Timmermans, Arnold Bosman.
Staand, 2e. rij: Jan Bouman, Jan Burgers, Ties Burgers, Jan Wijnands, Jan Lenderink.


100 jarig bestaan in 1949

Foto 100 jaar Vincentiusvereniging in Gendt, in 1899
Zittend: Gé Bouwman, Wim Schouten, President Hoofdraad, Jan Bouwman, pastoor Pelgröm, Jo v.d.Meulen, Hent Niënhaus, Hendrik Braam.
Staand, le. rij: Dorus Braam, Bernhard Buurman, Johan Hoogveld, Willem Timmermans, Willem Derksen, Jan Burgers, Willem Meurs, Jan Cornelissen, Dorus Milder, Nölleke v. Vorselen, Geert Rasing, Tinus Roelofs, Gerus Cornelissen.
Staand, 2e. rij: Geert Nijs, Gé Berns, Wim v. Luenen, kapelaan Oosterwijk, ]an Lenderink, Wim Boerstal, Hendrik Cornelissen, Nölleke Leenders, Sander Jansen, Jan Leenders.
Staand, 3e. rij: Carel v. Driel, Jan Bus, Thé Meurs, Jan Wijnands, Herman Coops, Wim Kregting, Piet v.d. Velden.


De Vincentiusvereniging nu

Het werk van Vincentius openbaart zich in Gendt alleen bij begrafenissen en crematies. Gendt is nog een van de weinige Vincentiusverenigingen in Nederland die voor dragers zorgt.

Het meeste gebeurt eigenlijk achter de schermen. Sinds de oprichting in 1849 zetten de vrijwilligers (Vincentianen) zich in stilte in voor de armsten onder de bevolking. Zo heeft de (oude) Vincentius zich van binnenuit vernieuwd en is gegroeid tot een onmisbare steun bij de uitbouw van de diaconale kerk.

Anno 1999 zeggen we, dat de Vincentiusvereniging er is voor vrijwillige maatschappelijke dienstverlening. Of, met de kerkelijke term diaconie, dienst aan de medemens in nood. Wij hebben intussen onze aandacht medegericht op de ontwikkelingslanden. Zo hebben wij zelfstandige projecten lopen in India en via de landelijke organisatie ook in andere ontwikkelingslanden in oost Europa.

De inkomsten om dit werk te doen worden o.a. verkregen door het dragen van onze overladen dorpsgenoten naar hun laatste rustplaats. Ons gebied om te dragen is uitgebreid met Bemmel, Huissen-Stad en Huissen-Zand en en enkele maal buiten Gendt.

Naast genoemd werk, heeft de landelijke organisatie ook een caravanproject bedoeld om mensen een vakantie aan te bieden, die er anders niet aan toe komen. Ook verzamelen wij boeken voor onze Arnhemse broedervereniging, waarvan de opbrengst bestemd is voor de armen in o.a. Oost-Europa. Eenmaal per jaar is er dan een verkoping in de Grote Kerk aan de Markt in Arnhem.

Wilt u meer weten?

Wilt u meer weten of heeft u belangstelling voor de Vincentiusvereniging, dan kunt u kontact opnemen met de President, de heer Jan Tap, tel: 0481-421289 of met de secretaris, de heer G. Lentjes, tel: 0481-422964.

Als u onze vereniging wilt steunen met een gift, dan kan dat via ons nummer 1164.97.246 bij de Rabo Bank. Deze giften zullen worden besteed aan onze adoptie vereniging in India

Ook is het mogelijk een legaat of schenking op te nemen in uw testament

De Nederlandse Vincentiusvereniging heeft een eigen www-site, die zeker uw bezoek waard is.